|
Hoofdstuk 6 Hoog spel
Anna probeerde uit alle macht het doordringende geluid te negeren. Onwillig schudde ze de diepste lagen van haar slaap van zich af om direct klaarwakker te zijn zodra de gebeurtenissen van de afgelopen dagen uit de schaduwen van haar geheugen opdoemden. Terwijl ze met een ferme klap de wekker tot stilte maande, drongen de geluiden uit de aangrenzende badkamer tot haar door.
Aan het gegorgel te horen had Dick al gedoucht en was hij bezig met de afronding van zijn ochtendlijk reinigingsritueel.
Anna voelde zich misselijk worden en wist niet of het door de geluiden uit de badkamer kwam of door het slaapgebrek. Ook won de paniek weer terrein nu ze bij daglicht realiseerde wat ze vannacht had gedaan. Haar hoofd tolde van bedenkingen en wijzigingen in aanpak. Vannacht had het zo goed gevoeld maar nu overspoelde de twijfel haar en moest ze moeite doen niet heel snel naar beneden te hollen en alles zo goed mogelijk in oude staat te herstellen.
Ze kalmeerde wat. Er was geen weg terug, zo normaal mogelijk doen was de enige gedachte waar ze iets mee kon, hoe abnormaal de wereld om haar heen ook was. Ze glipte in haar ochtendjas en liep naar de slaapkamer van Floris. Ze opende de deur op een kier en haar hart sloeg bijna over door de liefde die ze voelde. Met zijn mondje half open sliep haar zoon de slaap van de onschuldigen. De enige onschuldige hier in huis, bedacht ze grimmig. Deze gedachte gaf haar wat van de daadkracht terug waarmee ze een paar uur geleden de woelige nacht had afgesloten.
Ze liet zoals elke ochtend Floris nog een uurtje slapen. Soms werd hij zelf wakker maar meestal wekte ze hem rond half acht wakker, als zij zelf gedoucht had en de ontbijttafel had gedekt. Snel glipte ze de badkamer in naast de slaapkamer van Floris, die ze vanaf zijn geboorte met hem deelde. Ze was blij dat ze Dick nog niet was tegengekomen omdat ze als de dood was meteen al door de mand te vallen. Als ze net zo zou stuntelen als gisteravond, was haar rol snel uitgespeeld. Ze kon zich bijna niet voorstellen dat nog maar twee dagen geleden Boris haar leven op zijn kop had gezet. Ingespannen probeerde ze het gevoel op te roepen van een leven waarin ze niet opgejaagd, bedreigd en gechanteerd te worden. Ze had haar leven saai en leeg gevonden, met als stralend lichtpunt haar zoon. Wat zou ze er op dit moment veel voor over hebben om alleen maar last te hebben van die ontevredenheid.
Het kon bijna niet anders dan dat Dick in de tijd dat zij een douche nam, ontdekt dat zijn dierbare spullen weg waren. Ze wierp een snelle blik in de spiegel en kreunde. Als die donkere kringen rond haar ogen haar nachtelijke speurtocht niet verraadden, dan waren het wel de vouwen in haar gezicht.
Ze ontspande wat toen de douchestraal exact de weg wist te vinden naar de pijnlijkste gespannen spieren. Lang kon ze er niet van genieten. Van schrik gleed ze bijna onderuit toen haar door Dick geschreeuwde naam tot in de douchecabine drong. Hijgend en met een snel kloppend hart draaide ze de kraan dicht en sloeg een handdoek om.
Haar natte voeten glibberden over de vloer terwijl ze zo snel mogelijk de trap probeerde te bereiken. ‘Dick, zachtjes Floris slaapt nog. Wat is er?’, riep ze met gedempte stem.
‘Er is ingebroken.’ Dick negeerde haar verzoek en riep vanuit de hal zo hard als hij kon.
‘Er is wat?’ Om een geschreeuwd vervolg te voorkomen trippelde ze zo snel mogelijk druipend van het water de trap af.
‘Er is ingebroken.’
Zoals ze zich had voorgenomen bestudeerde ze onopvallend maar nauwlettend zijn gezichtsuitdrukking. Boosheid, verbetenheid zag ze, angst kon ze niet met zekerheid zeggen. Hij leek haar net zo intensief te bestuderen als zij hem. Dat was een slecht teken. Ze besloot om hoe dan ook haar plan uit te voeren, bij gebrek aan een alternatief.
‘Oh mijn god, wat is er gebeurd? Weet je zeker dat er niemand meer in huis is?’
‘Er is niemand. De voordeur stond open en mijn koffer is weg, die stond hier in de hal.’
‘Jezus, hoe kan dat nou Dick. Je zei altijd dat die deur een onneembare vesting was.’
Hij keek haar geïrriteerd aan maar ze gaf hem geen kans te reageren. ‘Wat is er nog meer weg?’
‘Ik heb de hele benedenverdieping nagelopen en ik miste ik op het eerste gezicht niks.’
‘Weet je zeker dat je je koffer hier had staan? Kun je niet per ongeluk gisteren de deur niet goed hebben gesloten gisteravond.’
‘Natuurlijk weet ik dat zeker godverdomme.’
‘Die deur ziet er helemaal niet geforceerd uit, hoe kan dat dan?’ Anna zag dat Dick op het punt stond zijn geduld te verliezen, terwijl hij de deur aan een nader onderzoek onderwierp. Dat ging de goede kant op. Irritatie leverde onoplettendheid op en daardoor misschien wel informatie waar ze wat mee kon.
‘Wat zit je nou te zeiken Anna, hier heb ik helemaal niks aan. Misschien zijn ze wel ergens anders binnen gekomen, weet ik veel.’
Anna huiverde. Ze had het ijskoud met haar nog steeds druipende haar maar hoopte dat Dick zou denken dat het om de gedachte van een vreemde in hun huis was.
‘Kleed je aan, dan loop ik nog een rondje door het huis.’
‘We moeten de politie bellen, Dick en zelf nergens aankomen. Laat die het maar uitzoeken, ik vind het doodeng.’
‘We bellen helemaal niks, ik wil eerst weten hoe het zit.’ Hij leek een nieuwe verontrustende gedachte te hebben. Gehaast liep hij naar de kapstok en voelde in zijn jaszak, vervolgens voelde zijn hand rusteloos in de andere zak, de binnenzak en doorzocht hij het colbertjasje dat er naast hing.
‘Godverdomme, mijn telefoon is ook weg.’ Hij sloeg hard met zijn vuist tegen de houten wand. Hij draaide zich om en nog steeds kon Anna niet van zijn gezicht lezen wat zich in zijn hoofd afspeelde. ‘Ga je nou maar aankleden.’
‘Oké, dan kijk ik ook even of Floris nog slaapt, ik heb liever niet dat hij hier te veel van meekrijgt.’
Dick knikte afwezig en gebaarde haar met een korte beweging naar boven. Anna vroeg zich af wat haar ooit in hem had aangetrokken. Was hij knap? Op een bepaalde manier wel. Hij was zelfverzekerd en als hij lachte, was hij best charmant. Verder zag hij er vrij doorsnee uit, niet groot, niet klein, niet echt slank maar zeker ook niet dik. Onbestemd bruin, inmiddels naar grijs neigend haar. Zelfs de kleur van zijn ogen was moeilijk aan te geven. Ergens tussen bruin en groen. Wat haar ooit in deze dominante, norse man, kon ze zich bijna niet meer voorstellen.
Floris sliep nog. Op zijn vijfde was hij al niet echt een ochtendmens. Ze wikkelde een handdoek om haar natte haar en schoot in een joggingbroek en t shirt. Terwijl ze de trap afliep stond Dick alweer ongeduldig te wachten. ‘Ik heb het hele huis doorzocht en mij is verder niks vreemds opgevallen.’
Het kostte Anna weinig moeite ongerust over te komen, al was het dan om andere redenen.
‘Hoe kan dat nou Dick.’ Ze liep hem voorbij en checkte opzichtig alle deuren en ramen. Ze keek rond, en neusde in laadjes.
‘Anna, doe normaal, denk je nou echt dat een inbreker weer netjes een la sluit voordat hij vertrekt, er is verder gewoon niks weg.’
Anna keek Dick zo verontwaardigd mogelijk aan. ‘Moet je kijken wat voor een waardevolle spullen hier rondslingeren en er is gewoon niets meegenomen. Er zijn niet eens braaksporen. Dan mag jij me vertellen wat er dan in die koffer zat dat ze daar alle moeite voor hebben gedaan.
Even leek hij van slag door haar onverwachte reactie maar hij herstelde zich snel. ‘Gewoon mijn laptop, wat anders?’
‘Je bent toch niet bij vreemde zaken betrokken?’
De woede in zijn ogen deed haar verstijven. ‘Wat suggereer jij daar? Dat ik er om gevraagd heb of zo? Ben je helemaal…’
Anna verzamelde al haar moed en onderbrak hem. ‘Ik suggereer helemaal niks, Dick en ik heb alle vertrouwen in je. Maar je kunt toch ook per ongeluk de verkeerde getroffen hebben. Het is een raar verhaal en het enige dat ik wil is ons kind, ons gezin beschermen. Dus zeg me asjeblieft als ik ergens rekening mee moet houden.’ Ze voelde zich een actrice in een b-film maar Dick leek het te slikken, al speurde hij haar gezicht minutieus af.
‘Ik zoek dit tot op de bodem uit, denk maar niet dat iemand hier mee weg komt’, gromde hij. Hij keek haar op een vreemde manier aan, vond ze. Als een roofdier die wacht totdat zijn prooi de fout ingaat. Dat verwarde haar maar ze kon nu niet meer terug.
‘Ja lekker verhaal, jij vertrekt dadelijk en dan zit ik hier dadelijk alleen. Vertel me nu eens wat mensen mensen met jouw laptop en telefoon moeten?’
Dick’s ogen minimaliseerden zich tot spleetjes en de woede die daar in geconcentreerde vorm uitstroomde was allemaal voor haar bedoeld. In een snelle beweging greep Dick haar bij haar keel. Hij kneep hard en trok haar gezicht dicht naar het zijne. ‘Wat deed je vannacht beneden? Als ik er ooit achter kom dat jij hier ook maar iets mee te maken hebt, ben je er geweest. En ik kom er achter, ik kom altijd overal achter’, siste hij.
Hij verstevigde zijn greep en bleef haar recht in de ogen aankijken. Anna’s armen maaiden machteloos door de lucht, ze voelde de kracht uit zich wegvloeien.
‘Mama’, hoorde ze Floris roepen. Het klonk ver weg, als in een droom. Ze hoorde het hem nog een paar keer roepen, het geluid leek steeds dichterbij te komen.
Ze werd met een smak op de bank geworpen en zoog met piepende ademhaling haar longen vol lucht. Dick liep zonder om te kijken de woonkamer uit naar de hal. Ze probeerde overeind te komen maar haar benen weigerden.
‘Niet Floris, niet Floris’ klonk het in haar hoofd maar uit haar keel kwam geen enkel geluid.
|