Tupla M.
Door: Annette op 27 december 2013

Deze maand verscheen Val, het zesde boek van schrijfduo Tupla M. Tupla M. beantwoordde onze vragen over hun nieuwe boek.

1. Een vraag die ik meestal netjes tot het einde bewaar, maar waar ik nu niet zo lang mee kan wachten: Komt er een vervolg over Caro en haar familie en kennissen? Ik hoop het echt. Ze was zo'n leuk personage om bij me te dragen in mijn tas! En die Belgische politieman... Hij en Caro mogen van mij best nog een paar boeken om elkaar heen draaien.

Wendela: Wat leuk dat je dat zegt. Eigenlijk flirten we altijd wel even met dat idee, al was het alleen al omdat het altijd moeilijk is om afscheid van de personages te nemen. Tenslotte heb je meer dan een jaar met ze samengeleefd... Voor Speeddate hebben we ooit daadwerkelijk een vervolgverhaal verzonnen, maar uiteindelijk niks mee gedaan. Het ligt er nog steeds en laatst nam ik de opzet nog eens door en dacht: goh, eigenlijk best goed. En nu jij over Val tja, nou…wat zullen we zeggen?


Atie: Nou, misschien maar gewoon zoals het is.

Wendela: Oké dan: we hadden zelf dat idee ook al en we onderzoeken momenteel de mogelijkheden om een vervolg op Val te schrijven. We zijn al een beetje een verhaal in de steigers aan het zetten. Maar we houden bij deze wel een flinke slag om de arm, want je weet nooit of het inderdaad gaat lukken.

2. Val speelt zich af en in Maastricht. Is er een reden waarom jullie voor Limburg en een beetje voor België gekozen?

Atie: De kwestie van de verzekeringsfraude in Val is losjes gebaseerd op een waargebeurde zaak die zich in de VS heeft afgespeeld. Het slachtoffer viel daar in een ravijn. Die zijn er niet in Nederland. Dus daar moesten we een alternatief voor zoeken. We kwamen uit op een mijn, maar die was nog niet eens zo makkelijk te vinden.

Wendela: We dachten aan de noordoostelijke mijnstreek in België, maar toen we daar door heen reden bleken er weinig verlaten mijngebouwen meer te zijn. Allemaal inmiddels omgebouwd tot stadhuis of pretpark of mega bioscoop. Ten slotte toch een nog niet verbouwd mijnencomplex gevonden (Waterschei in de buurt van Genk). En tot onze grote vreugde in een bijgebouw ook een plek met een hele, echt hele diepe put. Zomaar midden in de vloer. Zonder enige afscherming. Alsof de plek ons riep. 
Limburg en Maastricht hadden we al gekozen, met eigenlijk als voornaamste reden dat het ons leuk leek daar een paar keer naar toe te gaan voor research. Als actrice speelde ik wel eens in Maastricht. Ik vond het altijd een mooie stad, een plek waar je geïnspireerd raakt.

Atie: Ik kende het een beetje uit de tijd dat ik toelatingsexamen deed voor de toneelschool daar, toen heb ik er een week rondgelopen. Het appartement van Caro bestaat echt. Het stond te koop toen we Val begonnen te schrijven. Het was vernieuwbouw en we hebben er voor de deur gestaan, door de straten eromheen gelopen en kroketten gegeten in De Vergulde Clock. We kennen de buurt van Caro tamelijk goed inmiddels. Nou ja, binnenkort hebben we dus misschien een reden om er weer heen te gaan.

3. Het communicatieprobleem rond verzekeringen is binnen 1 land soms al niet te overzien, laat staan in een situatie over 2 landen heen. Hoe kwamen jullie aan de informatie? Eigen ervaring?

Atie: Nee, gelukkig niet uit eigen ervaring. Zoals ik al vertelde is het verhaal gebaseerd op een Amerikaanse politiezaak. In de VS gaat het vaak om (levens-)verzekeringszaken, maar dat speelt in Nederland niet in die mate. Daar hebben we dus iets anders voor gecreëerd. Het is wetenschappelijk aangetoond dat negen van de tien moorden worden gepleegd om a) geldelijk gewin en b) door iemand uit de directe omgeving van het slachtoffer. En een onwaarschijnlijk groot aantal moorden wordt niet opgelost of zelfs, nog veel griezeliger, helemaal niet als zodanig herkend. Dat fascineerde mij. 
 
Wendela: Ik vind het trouwens heel fijn dat er eens iemand informeert naar hoe we aan onze informatie komen. En of dat moeilijk was. Nou, ik kan zeggen: heel erg moeilijk. Want die hele verzekeringskwestie daar heb met name ik, behoorlijk mijn tanden in moeten zetten. Iedere keer dat ik dacht dat ik het helder was bleek er toch weer een ‘Ja maar, stel nou dat.. ‘ vraag te zijn.

Atie: Jij wou toch zo graag iets met je juridische achtergrond doen? (lacht)

4. De personages in Val lijden elk aan een modern trauma (alcoholisme, een oorlogsverleden, analfabetisme etc). Hebben jullie deze heel bewust gekozen?

Wendela: Als we beginnen met een boek verzamelen we onderwerpen en personages waar we iets mee willen doen. Daarbij gaan we uit van onze eigen fascinaties. Daar voegen we een misdaad aan toe en vervolgens vlechten we alles door elkaar totdat een samenhangend en spannend verhaal ontstaat. In dit geval wilden we iets met een vluchteling doen (dat had te maken met het feit dat ik in die periode taalcoach was van een asielzoeker), ook de impact van kunnen lezen en schrijven heeft daar mee te maken. En ik wilde mijn juridisch verleden en de verhalen die ik van advocaten collega’s hoorde een keer gebruiken. 

Atie: Overigens gaat het bij Caro niet alleen om een drankprobleem. Dat is alleen maar het begin. Een verhaal begint op een moment dat er iets kantelt in het leven van een personage. Een cruciaal moment, zeg maar. De alcohol zorgt ervoor dat ze haar werk niet meer goed kan doen, dat haar familie er genoeg van krijgt en dat er een punt is dat iemand op zichzelf aangewezen is. Voor Hannie geldt iets dergelijks. Normaal gesproken redt ze zich, ze heeft trucjes om te verbloemen dat ze niet kan lezen, maar als haar dochter verongelukt en ze niet kan lezen wat officiële instanties schrijven, gaat het mis.

5. Caro is opvallend menselijk én sympathiek, en dat geldt ook voor de andere personages in het boek. Als lezer voel je met haar mee, en vergeeft haar alles. De hoofdpersonen in jullie eerdere boeken hadden mijns inziens een grotere afstand tot de lezer. Hebben jullie het creëren van een hoofdpersoon in dit boek anders aangepakt dan in jullie andere boeken? 

Wendela: Nee, we hebben alleen dit keer een andere vertelvorm gebruikt. Je bent niet de enige overigens die dit opvalt. Bij de presentatie zei iemand die het boek al gelezen had dat hij het speelser vond en vloeiender. Wij zijn ons daar niet van bewust geweest tijdens het schrijven. Bij elk boek proberen we gewoon 100% overtuigende personages te creëren. 

6. Welk boek hebben jullie dit jaar gelezen waarvan je echt onder de indruk was? 

Atie:
 Wat ik een fascinerend boek vond was ‘Het been in de IJssel’ van Joris van Casteren. Een journalistiek verslag van een complex (ambtelijk) onderzoek, in twee landen, naar de vondst van een aangespoeld onderbeen. Hé. Ineens realiseer ik me dat dit boek veel weg heeft van de casus in Val: ambtelijke molens, gerechtelijke procedures, moeizame communicatie… 

Wendela: Ik was ongelofelijk onder de indruk van Regels voor een wetenschappelijk verantwoord leven, van Carrie Tiffany. Een roman die ik in een impuls kocht, voor 2,50 bij de Slegte en die zo bijzonder was, niet na te vertellen. En De Indiase bruid van Karin Fossum, dat is het soort boek waarvan ik denk: O, als ik toch eens zo’n boek zou kunnen schrijven.

7. Wat zijn jullie goede voornemens voor 2014?


Wendela: Me niet laten opjagen.

Atie: Een goed mens zijn.

Tupla: Weer een mooi boek schrijven, het zevende, geluksgetal!

Annette



Bezoekersreacties: